Bestuurlijke-boete-na-hennepkwekerij
J. van Breukelen Geen reacties

Indien er bij u thuis een hennepkwekerij wordt ontmanteld, kunt u daarvoor van de gemeente een bestuurlijke boete krijgen. De gemeente stelt dan namelijk dat u de woning hebt onttrokken aan de bestemming die is omschreven in het bestemmingsplan. In het bestemmingsplan staat dat u de woning alleen voor bewoning mag gebruiken, maar u hebt de woning dan feitelijk ook gebruikt om hennep te produceren. Dat mag niet.

Waar staan de regels?

Het verbod om een woonruimte te onttrekken aan de bestemming is neergelegd in artikel 21 van de huisvestingswet. De maximale hoogte van de boete is neergelegd in artikel 35 van de huisvestingswet. Hierin staat dat de maximale boete voor overtreding van artikel 21 een geldboete is van de vierde categorie. Dit wordt elk jaar aangepast, maar in 2020 is dat € 21.750,-.

Hoe hoog is de bestuurlijke boete na een hennepkwekerij?

Het wettelijke maximum is in 2020 dus € 21.750,-. Hoeveel er in de praktijk wordt opgelegd is echter aan de gemeente die de bestuurlijke boete oplegt. In de huisvestingsverordening van de betreffende gemeente staat hoe hoog de boete is. Daarbij is relevant of het gaat om een eerste overtreding of dat er vaker overtredingen zijn geweest.

Per gemeente zijn hier echter grote verschillen in. Bijvoorbeeld: de huisvestingsverdeling van de gemeente Rotterdam hanteert voor de eerste overtreding een bedrag van € 4.000,- voor de tweede overtreding een bedrag van € 8.000,-, voor de derde overtreding € 16.000,- en voor de vierde overtreding € 20.500,-. In de gemeente Den Haag liggen de bedragen heel anders. Daar begint met direct met een boete van € 10.000,- voor bedrijfsmatige exploitatie van een hennepkwekerij. Is het de tweede keer? Dan is het direct € 20.000,-. 

Rechtspraak 2019 / 2020 over verbindendheid huisvestingsverordeningen

Vanaf 2019 hebben diverse rechtbanken interessante uitspraken gedaan over de geldigheid van de huisvestingsverordening. Het begon met een uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 13 maart 2019. De rechtbank oordeelde dat de gemeente slechts bevoegd is een huisvestingsverordening vast te stellen als er sprake is van schaarste van goedkope woonruimte. De rechtbank stelde vast dat dit in Rotterdam niet het geval was en verklaarde de hele huisvestingsverordening onverbindend. 

De gemeente ging hiertegen in hoger beroep en op 29 april 2020 deed de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank gelijk had en liet de beslissing van de rechtbank in stand. Dit betekent dus dat een gemeente niet zomaar een bestuurlijke boete mag opleggen. Er moet sprake zijn van schaarste van het type woning waarin de overtreding werd begaan. Indien er geen tekort is aan goedkope bovenwoningen, dan kan er dus geen bestuurlijke boete worden opgelegd voor het onttrekken van dergelijke woningen aan de bestemming. 

Ook de rechtbank Gelderland heeft een dergelijke uitspraak gedaan. In die zaak had de gemeente Nijmegen een huisvestingsverordening vastgesteld waarin stond dat een vergunning nodig was om zelfstandige woonruimte om te zetten naar meerdere onzelfstandige woonruimten voor kamerverhuur. Deze verplichting gold voor alle woonruimte in Nijmegen. De rechtbank oordeelde dat de gemeente niet had onderbouwd dat in Nijmegen sprake was van schaarste aan (goedkope) woonruimte. Ook was niet onderbouwd dat een verordening – met een stelsel van omzettingsvergunningen – noodzakelijk was om de effecten van dergelijke schaarste te beperken. De verordening werd onverbindend verklaard.

Gelet op deze rechtspraak is het van belang om de motivering van de huisvestingsverordening te laten toetsen wanneer u een bestuurlijke boete na een hennepkwekerij krijgt.

Wat kan ik inbrengen tegen de bestuurlijke boete na een hennepkwekerij?

De belangrijkste vraag is natuurlijk of u de overtreder bent. Als u zelf niet degene bent die verantwoordelijk is voor de kwekerij en u kunt verder geen verwijt worden gemaakt, dan kan u ook geen boete worden opgelegd.

Indien u bijvoorbeeld de eigenaar bent van de woning, maar deze verhuurt hebt, dan kan u geen boete worden opgelegd. Daarvoor is het wel van belang dat u toezicht hebt gehouden op wat er zich in de woning afspeelde. Om niet verantwoordelijk te kunnen worden gehouden voor onrechtmatig gebruik dient de eigenaar aannemelijk te maken dat hij niet wist en niet kon weten dat het pand onrechtmatig werd gebruik (Raad van State 9 januari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BY7996). Er wordt van u verwacht dat u goed nagaat wat er zich in de woning afspeelt. U kunt niet volstaan met het opmaken van een huurcontract en het maken van een kopie van een legitimatiebewijs. U zult regelmatig een controle moeten (laten) uitvoeren. Ook het inschakelen van een makelaarskantoor ontslaat u niet van uw onderzoeks- en controleplicht.

Kan ik een lagere bestuurlijke boete krijgen?

Ja, dit kan op basis van artikel 5:46 derde lid van de Algemene Wet Bestuursrecht. U moet als overtreder dan aannemelijk maken dat de boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Wat zijn dan bijzondere omstandigheden? U kunt daarbij denken aan een geringe ernst van het feit, verminderde verwijtbaarheid en/of een geringe financiële draagkracht. 

Rechters nemen niet zomaar aan dat er sprake is van een geringe financiële draagkracht. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State van 30 mei 2018. In die zaak had de gemeente Den Haag een bestuurlijke boete opgelegd van € 10.250,- nadat er een hennepkwekerij was ontdekt. De betreffende burger stelde zich op het standpunt dat de bestuurlijke boete moest worden gematigd omdat hij leefde van een bijstandsuitkering en niet het geld had om zo’n hoge boete te betalen. De rechtbank ging hierin mee en matigde de boete tot € 2.360,-. 

De gemeente Den Haag was het hier niet mee eens en ging in hoger beroep. De Raad van State oordeelde dat uit het rapport van de politie bleek dat het ging om een professionele hennepkwekerij en dat er 11.000 euro aan contanten was aangetroffen in de woning. De betrokkene kon of wilde verder geen inzicht geven in wat hij met de kwekerij had verdiend. Gelet daarop kon volgens de Raad van State niet worden beoordeeld of er sprake was van onvoldoende financiële draagkracht. De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank. De overtreder moest alsnog de volledige boete betalen.

Vragen?

Hebt u een bestuurlijke boete gekregen na een hennepkwekerij? Wilt u weten of het zinvol is om bezwaar te maken tegen de boete? Neem dan contact op voor een vrijblijvend intakegesprek.

Misschien ook interessant:

Gijzeling voor openstaande CJIB boete

Gemiddelde straf voor hennepkwekerij

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *